Zeggen dat het pas gisterochtend was dat ik opgelucht, en gedeeltelijk verwoest, over de eindstreep donderde. Niet mankend, niet huilend, niet euforisch. Gewoon blij dat het eindelijk gedaan was. En blij dat je aan dat geteisterde lijf kon zeggen ' 't is gedaan jong, good job, het énige wat ik je nu nog vraag is of je zo lief wil zijn om me naar de wagen te brengen die zowat twee kilometer verder geparkeerd staat'. Twéé kilometer, miljààrde. Van in 't begin wist ik dat dat de zwaarste gingen worden van de hele tocht. Niet meteen stimulerend voor de moraal...
Soit, m'n verstijfde benen brachten me naar de wagen en ik denk niet dat het langer dan een paar minuten heeft geduurd eer ik in slaap viel. Om twee uur later wakker te schieten van een hels kabaal op 't dak van de wagen. Paardekastanjes. Eind september. Uiteraard had ik me net onder zo'n schijtboom geparkeerd. Gelukkig heeft de boom in kwestie het bij één bombardement gehouden - of heb ik de andere niet eens gehoord...
Zo eindigde dus m'n 100 km van Millau. Een mars zoals ik er nog nooit een had meegemaakt. Anders, uniek eigenlijk, in een hoop opzichten van de 100's die ik ooit heb gestapt in België. Het concept 'Millau' is simpel: je beschrijft twee lussen met Millau als knooppunt. Twee lussen doorheen een ongelooflijk mooi landschap, de Gorges du Tarn. De eerste lus, een marathon, voert je stroomopwaarts de vallei van de Tarn in, de eerste helft via de rechteroever, de tweede via de linkeroever. Het héle parcours is volledig autovrij en je loopt de hele tijd op asfalt - een ware verademing vergeleken met de Nacht van Vlaanderen, bijvoorbeeld. Juist ja, de Nacht van Wést-Vlaanderen - waar ik trouwens een van de grootste fans van blijf... De marathon is wat golvend 'mais c'est après Millau que ça se complique...' zei een medestapper me aan de start. De tweede lus, eigenlijk is 't niet eens een lus, voert je over één weg - onder 't viaduct van Millau door, kiekevel! - stroomafwaarts van de Tarn naar St.-Affrique - 'the point of return', vlakbij Roquefort-sur-Soulzon trouwens. Over één en dezelfde weg. Volledig autovrij. Maar wel over dezelfde weg miljaarde. Met andere woorden: toen ik aan 45 km zat zag ik de eerste lopers me in de andere richting voorbijsnellen - de winnaar deed er trouwens iets meer dan 7 uur over om terug aan de meet te zijn, een onvoorstelbaar resultaat. Tot St.-Affrique komen lopers en medestappers je dus tegemoet - een vrij deprimerende situatie daar je met je eigen ogen ziet hoeveel volk er voor je zit. Of hoever je wel aan de staart zit, ook. Je mag jezelf dan wel wijsmaken 'dat het geen wedstrijd is' en dat 'ze uitstappen' het enige is wat telt. Dikke zever, als je aan 't stappen bent wil je zo ver mogelijk vooraan eindigen, basta.
De tweede lus was inderdaad een stuk 'gecomplikeerder'. Bergop en bergaf. Lànge bergoppen en lànge bergaffen. Slopend, zeker als je niet weet hoeveel er nog komen moet. 'Duurt die klotehelling nog lang? Zijn we'r nu nog niet? Etc.' Tijdens een 100 is 't altijd te lang of te breed. Hoe verder je stapt hoe meer je binnensmonds klaagt. Tot je op zeker moment stopt met denken en alleen nog maar de ene voet voor de andere zet. De eerste helft van de tweede lus heeft me geen plezier gedaan. Dat blééf maar duren tot St.-Affrique: 55, 60, 65, 70, 'waar is dat ... lokaal p..d..m..??? En dan op 71 de deklik, toch. Wat eten, veel drinken, niet te lang blijven zitten en rap weer op weg, 'we zijn op de terugweg!!!'.
Ik beging de fout om tijdens de marathon een paar 'kartouchen' te verschieten die ik beter achter de hand had gehouden. Komt ervan als je 't parcours niet kent. 't Was niet nodig 'om die benen eens te testen', nodeloze energieverspilling. Volgend jaar overnacht ik ook ter plaatse. Om 5.00 opstaan om pas 5 uur later te starten is geen goede voorbereiding. Bijna alle stappers die ik heb ontmoet overnachtten ter plaatse. Niets boven een goede nachtrust. Volgend jaar zou 't misschien ook verstandiger zijn toch wat meer te gaan trainen. Waarom bijvoorbeeld geen weekendje ter plaatse gaan doorbrengen? 's Ochtends trainen, 's namiddags kayakken of met de gieren spelen? Soit, 'k Had gehoopt er 15 uur over te doen, 't zijn er twee meer geworden. Je zou kunnen stellen dat ik dus twee uur langer van m'n 55 euro inschrijvingsgeld heb kunnen genieten. Juist ja. De prijs voor de parcourskennis dus. Goed, maar niet uitstekend.
En toch prijs ik me gelukkig bij het zootje te horen dat de eindstreep haalde het hoofd rechtop. Zonder 'accompagnateur', zonder massages op de hulpposten, zonder m'n maag uit m'n lijf te hebben gebraakt, zonder al te vaak de grasbermen te hebben ondergeschreven, zonder dat het bloed uit m'n schoenen liep - een 100 is en blijft rauw afzien. Velen geven op, je vindt hen doelloos voor zich uitkijkend op de hulpposten of gewoon langs de kant. Soit, vandaag sputtert het lijf nog nauwelijks tegen. Een goeie pint straks en de recuperatie is rond.
Op volgend jaar, in 2012 zal 't alleen maar beter gaan.
En sneller, zeker weten.
Posts tonen met het label Millau. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Millau. Alle posts tonen
maandag 26 september 2011
vrijdag 23 september 2011
Millau Malström
Net nu ik miljaarde elk uur slaap goed zou kunnen gebruiken doe ik weer geen oog dicht. Net voor ik naar Organby vertrok was dat net zo: na anderhalf uur slaap game over. Geen wonder dat ik om twee uur 's nachts al achter 't stuur zat...
Nu dus weer, zij het dan wel een dag te vroeg want wat me hartgeklop geeft is pas morgen: Millau! Morgenochtend om 10.00 (!) wordt het startschot gegeven van een van de meest bekende lange-afstandsmarsen in Frankrijk, die bovendien toevallig z'n 40e verjaardag viert. 'En Millau, klaar voor?' vroeg m'n collega me begin deze week. 'Zeker weten, on va les bouffer!'. Eerst ze nog stappen uiteraard, 't blijft tenslotte nog steeds een 100 km en zulke dingen behandel je met respect. 'Le truc' is echter dat ik totaal niet weet waaraan ik me kan verwachten. Dat ik het parcours enkel ken van kaartjes en van 'horen zeggen' en dat ik dus niet goed kan inschatten hoe ik m'n koers moet indelen. Doseren dus. Beter teveel dan te weinig. De rem erop tot 80 km en als er dan nog fuel in de tank zit 't gaspedaal diep indrukken. Zoiets. Daardoor raak ik dus niet meer in slaap. Douchka vindt het trouwens geweldig. Dat pluizig poezebeestje zit op 20cm van m'n hoofd in haar rieten vulkaan - of hoe heet zo'n ikeameubel - haar toilet te maken. Likken op de pootjes en vervolgens met de pootjes over de oortjes. Methodiek zoals alleen poezen dat kunnen. Kleine pruts.
Soit, vanmiddag gaat de riem eraf op 't werk. En vanochtend alleen offertes maken en 't werk van volgende week voorbereiden. Lichte dienst dus, 't is deze week goed geweest. Gisteren tot een kot in de avond zitten lassen en slijpen met één doel: 't programma voor de week erdoor malen. 'Waarom werk je zo laat?' vroeg m'n patron. 'Millau'. 'Waarom doe je dit en doe je dat?'. 'Millau'. Een 100 wordt de week ervoor een obsessie. Je komt in een maalstroom terecht - denk aan dit, doe dat, vergeet vooral dàt niet etc. Millau. 'Ben je nu ook al lasser?' vroeg een andere collega me. 'Vandaag lasser jong, morgen carreleerder, overmorgen loodgieter, daags erna schrijnwerker en de dag dààrna huurdoder. Of gynecoloog-aan-huis. Whatever, dat noemen ze 'multiservice'. M'n 'kooi' moest dus af gisteren. Sommigen zien er een meubel in dat je in discotheken ziet waarop schaars geklede bomba's zich in alle bochten kronkelen. Een ander noemde het een 'haaienkooi', zo'n kooi waarin je de haaien ongestoord en risicoloos kan observeren. In feite is 't een, een stalen kooi eigenlijk, die de motor van een airco moet beschermen tegen vandalisme. 'Yak-proof' dus. Een twintigtal slijpschijven, een vijftigtal 'bagetten' alias electroden, een tiental lopende meter 30/30 stalen buis, evenveel 25/25 stalen hoekprofiel, vier zware scharnieren direct gelast op de kader, twee vierkante meter geperforeerde staalplaat en een veiligheidsslot. Ze mogen op hun beide oren slapen, hun airco is veilig. Zeker nadat we de haaienkooi volgende week met chemische ankers zullen vastgezet hebben aan de muur en de vloer...
't Contrast met Organby kon niet groter zijn. Nog geen seconde stilgezeten heb ik. En morgen Millau. Laten we eerst nog wat proberen te slapen...
Nu dus weer, zij het dan wel een dag te vroeg want wat me hartgeklop geeft is pas morgen: Millau! Morgenochtend om 10.00 (!) wordt het startschot gegeven van een van de meest bekende lange-afstandsmarsen in Frankrijk, die bovendien toevallig z'n 40e verjaardag viert. 'En Millau, klaar voor?' vroeg m'n collega me begin deze week. 'Zeker weten, on va les bouffer!'. Eerst ze nog stappen uiteraard, 't blijft tenslotte nog steeds een 100 km en zulke dingen behandel je met respect. 'Le truc' is echter dat ik totaal niet weet waaraan ik me kan verwachten. Dat ik het parcours enkel ken van kaartjes en van 'horen zeggen' en dat ik dus niet goed kan inschatten hoe ik m'n koers moet indelen. Doseren dus. Beter teveel dan te weinig. De rem erop tot 80 km en als er dan nog fuel in de tank zit 't gaspedaal diep indrukken. Zoiets. Daardoor raak ik dus niet meer in slaap. Douchka vindt het trouwens geweldig. Dat pluizig poezebeestje zit op 20cm van m'n hoofd in haar rieten vulkaan - of hoe heet zo'n ikeameubel - haar toilet te maken. Likken op de pootjes en vervolgens met de pootjes over de oortjes. Methodiek zoals alleen poezen dat kunnen. Kleine pruts.
Soit, vanmiddag gaat de riem eraf op 't werk. En vanochtend alleen offertes maken en 't werk van volgende week voorbereiden. Lichte dienst dus, 't is deze week goed geweest. Gisteren tot een kot in de avond zitten lassen en slijpen met één doel: 't programma voor de week erdoor malen. 'Waarom werk je zo laat?' vroeg m'n patron. 'Millau'. 'Waarom doe je dit en doe je dat?'. 'Millau'. Een 100 wordt de week ervoor een obsessie. Je komt in een maalstroom terecht - denk aan dit, doe dat, vergeet vooral dàt niet etc. Millau. 'Ben je nu ook al lasser?' vroeg een andere collega me. 'Vandaag lasser jong, morgen carreleerder, overmorgen loodgieter, daags erna schrijnwerker en de dag dààrna huurdoder. Of gynecoloog-aan-huis. Whatever, dat noemen ze 'multiservice'. M'n 'kooi' moest dus af gisteren. Sommigen zien er een meubel in dat je in discotheken ziet waarop schaars geklede bomba's zich in alle bochten kronkelen. Een ander noemde het een 'haaienkooi', zo'n kooi waarin je de haaien ongestoord en risicoloos kan observeren. In feite is 't een, een stalen kooi eigenlijk, die de motor van een airco moet beschermen tegen vandalisme. 'Yak-proof' dus. Een twintigtal slijpschijven, een vijftigtal 'bagetten' alias electroden, een tiental lopende meter 30/30 stalen buis, evenveel 25/25 stalen hoekprofiel, vier zware scharnieren direct gelast op de kader, twee vierkante meter geperforeerde staalplaat en een veiligheidsslot. Ze mogen op hun beide oren slapen, hun airco is veilig. Zeker nadat we de haaienkooi volgende week met chemische ankers zullen vastgezet hebben aan de muur en de vloer...
't Contrast met Organby kon niet groter zijn. Nog geen seconde stilgezeten heb ik. En morgen Millau. Laten we eerst nog wat proberen te slapen...
dinsdag 30 augustus 2011
Hot legs
Pijn aan m'n benen heb ik. Geen wonder eigenlijk want 'k heb gisteren zo'n 65km gestapt als voorbereiding op de 40e 100km van Millau eind volgende maand. Millau is dichterbij dan Torhout, en er zijn veel minder West-Vlamingen allehow... Hraptjeuh! Een stevige lus op iets meer dan 9 uur tijd en dat in een loden hitte - m'n conditie is er, op dat front tenminste nog geen sleet op de motor.
Maar pijn aan de benen, dat wel uiteraard. Niet wegens de spieren. Niet wegens de blaren. Niet wegens de knoken. Niks ni spierpijn nie niks ni voetpijn niks geen gewrichtspijn. Wel wat verbrand zo'n klein beetje op bepaalde delen van m'n anatomie die in doordeweekse omstandigheden zelden met de straling van dat rottige hemellichaam in aanraking komen. 'k Zie er uit als een kermiscoureur, en belàchelijk dat dat is. Als een Westvlààmse kermiscoureur nog wel. Hraptjeuh! Vooral met de gloeiendhete computer op m'n schoot is 't bloggen voor een keertje een pijnlijke aangelegenheid. Sporten is afzien. Ervoor, tijdens en in mijn geval vooral erna. Soit, 't was eigenlijk best een fijne tocht door la Languedocienne, met druiven die barstensrijp zijn en die er gewoon om smeken om afgerukt te worden en - 'k zoek het juiste woord - 'gedevoreerd' zouden ze hier zeggen, verscheurd, verzwolgen, verslonden - dàt zocht ik! - door een hongerige stapper. En hàp een halve tros in de mond, een explosie van sappen en smaken en hàp, nog een en nog een en nog een. Tot de honger gestild, de kin bedruipt en de handen aan elkaar geplakt. Like in the ol' days, toen we hier in de buurt de druivenpluk deden, la 'vendange', een activiteit die trouwens overal reeds in volle gang is. Een gevolg uiteraard van het vrij natte voorjaar en de hoge temperaturen van de laatste weken. Regen en zon, meer heb je niet nodig om een sappige druif te kweken. Piece of cake. Nog nooit zo'n zwaar gesuikerde druiven in m'n mond gehad. Goe spul. En nog gratis ook, maar dat blijft onder ons.
't Viel me gisteren trouwens op dat tal van bomen reeds vol hun blad beginnen te verliezen, sommige platanen en populieren zien er uit als een gefrustreerde papegaai of een kip die net niet lang genoeg in de poten van de vos is gebleven. Dat doet me trouwens aan een zalige anecdote denken die dateert van vorig jaar en die om een of andere reden niet in de blog is geraakt. Wegewa? Ik verpak ze in een volgende blog, beloofd!
't Is duidelijk dat de zon over haar hoogtepunt heen is, ook al heeft die teef me een stel knalrode jarretelles bezorgd. 's Middags mat m'n schaduw nog een goede 2m, enorm lang eigenlijk want ikzelf meet bijna 20cm minder. De zon beschrijft een lagere baan, het licht wordt anders, de kleuren voller, de mooiste dagen komen eraan. September is mijn periode, september is de periode van 't mooiste licht. In Vlaanderen, hier en in Organby, ook. Nog een paar dagen en we volgen de Lammergier met onze kijker boven de zonbeschenen flanken van de Pic d'Orhy, Baskenlands' hoogste.
Nog vijf keer slapen...
Maar pijn aan de benen, dat wel uiteraard. Niet wegens de spieren. Niet wegens de blaren. Niet wegens de knoken. Niks ni spierpijn nie niks ni voetpijn niks geen gewrichtspijn. Wel wat verbrand zo'n klein beetje op bepaalde delen van m'n anatomie die in doordeweekse omstandigheden zelden met de straling van dat rottige hemellichaam in aanraking komen. 'k Zie er uit als een kermiscoureur, en belàchelijk dat dat is. Als een Westvlààmse kermiscoureur nog wel. Hraptjeuh! Vooral met de gloeiendhete computer op m'n schoot is 't bloggen voor een keertje een pijnlijke aangelegenheid. Sporten is afzien. Ervoor, tijdens en in mijn geval vooral erna. Soit, 't was eigenlijk best een fijne tocht door la Languedocienne, met druiven die barstensrijp zijn en die er gewoon om smeken om afgerukt te worden en - 'k zoek het juiste woord - 'gedevoreerd' zouden ze hier zeggen, verscheurd, verzwolgen, verslonden - dàt zocht ik! - door een hongerige stapper. En hàp een halve tros in de mond, een explosie van sappen en smaken en hàp, nog een en nog een en nog een. Tot de honger gestild, de kin bedruipt en de handen aan elkaar geplakt. Like in the ol' days, toen we hier in de buurt de druivenpluk deden, la 'vendange', een activiteit die trouwens overal reeds in volle gang is. Een gevolg uiteraard van het vrij natte voorjaar en de hoge temperaturen van de laatste weken. Regen en zon, meer heb je niet nodig om een sappige druif te kweken. Piece of cake. Nog nooit zo'n zwaar gesuikerde druiven in m'n mond gehad. Goe spul. En nog gratis ook, maar dat blijft onder ons.
't Viel me gisteren trouwens op dat tal van bomen reeds vol hun blad beginnen te verliezen, sommige platanen en populieren zien er uit als een gefrustreerde papegaai of een kip die net niet lang genoeg in de poten van de vos is gebleven. Dat doet me trouwens aan een zalige anecdote denken die dateert van vorig jaar en die om een of andere reden niet in de blog is geraakt. Wegewa? Ik verpak ze in een volgende blog, beloofd!
't Is duidelijk dat de zon over haar hoogtepunt heen is, ook al heeft die teef me een stel knalrode jarretelles bezorgd. 's Middags mat m'n schaduw nog een goede 2m, enorm lang eigenlijk want ikzelf meet bijna 20cm minder. De zon beschrijft een lagere baan, het licht wordt anders, de kleuren voller, de mooiste dagen komen eraan. September is mijn periode, september is de periode van 't mooiste licht. In Vlaanderen, hier en in Organby, ook. Nog een paar dagen en we volgen de Lammergier met onze kijker boven de zonbeschenen flanken van de Pic d'Orhy, Baskenlands' hoogste.
Nog vijf keer slapen...
maandag 18 juli 2011
Aveyron boven!
Net terug van enkele dagen Aveyron - departement 12, grofweg ten noord- en zuidwesten van Millau. Enorm gevarieerd gebied: causses, gorges, prachtige middeleeuwse steden en dorpen, kastelen, een enorme landschappelijke - en culinaire! - rijkdom en een faunadiversiteit om van achterover te stuiken. Pas op voor de ravijnen, echter...
Beelden zeggen zoals steeds veel meer dan woorden...
Beelden zeggen zoals steeds veel meer dan woorden...
| Omgeving van Roquefort-sur-Soulzon (jawel, dé Roquefort!) |
| Millau, uiteraard. |
| 'Le trou de Bozouls' |
| Bozouls |
| Bozouls |
| Bozouls |
| Séverac-le-Château |
| Boerenzwaluwen in het Tempeliersbastion 'La Cavalerie' |
| Plateau aka Causse de Larzac. |
| Windmolen van 'La Couvertoirade' |
Labels:
Aveyron,
Bozouls,
La Cavalerie,
La Couvertoirade,
Millau,
Roquefort
Abonneren op:
Posts (Atom)
