Posts tonen met het label tonijn. Alle posts tonen
Posts tonen met het label tonijn. Alle posts tonen
zondag 27 mei 2012
Close encounters
Remember, wat ik een tijdje terug vertelde over tonijnen, dolfijnen en kwabalen? Neen? Zoek dan maar eens op trefwoord want je denkt toch zeker niet dat ik het nog eens ga herhalen?
M'n kwabaal- aka tonijnvislijn is eindelijk gearriveerd en dus zijn we die vanmorgen gaan testen. Oliegladde zee, stralende zon, prachtig visweer, op jacht naar de 'big kick' van veertig kilo samengebalde spier aan je vislijn. We zagen veel Kuhls's pijlstormvogels (vermoedelijk) die ons - dertig centimeter boven 't wateroppervlak - voorbijschoten, doelgericht naar onbekend, een paar Stormvogeltjes en ontelbare kwallen, maar geen tonijnen. Het wateroppervlak bleef roerloos. Geen makrelen, geen 'bonites', geen albacore. Niets, noppes de ballen. Net nu we eindelijk tot achter onze oren geëquipeerd zijn - 'k heb zelfs een Ikea snijplank op m'n kayak gemonteerd - viel er niets te beleven op die rotzee. Sta je dan speciaal daarvoor te vijven op en peddel je uren onder een bakkende zon en dan word je nog niet eens beloond.
We verveelden ons een ongeluk.
Tot even voor de middag.
Een eind verder 'au large' merkte ik plots grote donkere dingen aan de oppervlakte komen en weer verdwijnen. 'DOLFIJNEN!! VERDOMDE KLOTEDOLFIJNEN!' schreeuwde ik naar Pierre. Die reageerde met een serie overtaalbare uitdrukkingen en als twee gekken stoven we richting Tunesië. Zalig, zo door 't lint gaan, dit is léven! Vorige keer wilden we dolfijn en we kregen tonijn, deze keer wilden we tonijn en we kregen dolfijn. Dolfijnen miljaarde! Lees je 't goed??? Een uur lang volgden we de dieren - die zich helaas niet dichter dan twintig meter lieten benaderen en niet de moeite namen ons goeiedag te komen zeggen - en genoten hoe ze zij aan zij aan de oppervlakte kwamen, een hoop snot de lucht in spoten, weer onder doken, weer boven kwamen, nog maar eens spoten, uit 't water sprongen, er met een luide plons weer in doken, uiteraard, enzovoort - exact het gedrag dat je van hen verwacht, maar nooit durven dromen dit hier te kunnen meemaken. Mooimooimooi!
Close encounters op een zevental kilometer uit de kust. Die tonijnen krijgen we volgende keer wel te grazen...
zondag 22 april 2012
No fish no fun
Ik zit in een visperiode. Zo'n moment overkomt me elk jaar wel eens en elk jaar weer blijft de pan leeg en uiteraard de maag ook.
Ik ben een gruwelijk slechte visser.
Niet dat ik onhandig ben.
Niet dat ik debieler ben dan 't gemiddelde.
Niet dat ik 't juiste materiaal niet heb.
Gewoon omdat ik lichtjes ongeduldig ben. Ik kan twaalf uur op een bergcol zitten turen naar de horizon zonder ook maar één trekvogel te zien, maar ik haat het als ik na twintig minuten geen vis aan de haak heb.
Ik ben een man van tegenstellingen.
Een vat vol tegenstrijdigheden.
Een onpeilbaar zwart gat.
Een vent zoals alle andere.
En toch hou ik van vissen, denk ik. Alleen heb ik onlangs ontdekt dat al m'n mislukkingen slechts stapstenen waren op m'n zoektocht naar het soort vissen dat echt bij me past.
Vissen zittend op een bak bier langs de waterkant vind ik maar niets. Ook al kreeg ik zo enkele dorades aan de lijn.
Veranderen van gestoelte veranderde niets aan de zaak.
Vissen met lokaas bekte me al beter. Je werpt je 'leurre' uit, haalt haar met snokbewegingen terug in en hoopt dat een of andere debiele roofvis het plastieken geval voor een mindervalide anjovis gaat aanzien. Je wandelt verder, probeert het opnieuw, en opnieuw en opnieuw en opnieuw en opnieuw. Wie kan het wat schelen? Zo zijn er zovelen. De Kreuners Forever.
Maar, ook vissen met leurres, of 'jigs', vergt geduld. En dàt, ontdekte ik, dàt vissersgeduld heb ik dus niet. Daarom zal ik nooit een goede visser zijn.
Tenzij ik van vis verander. Tenzij ik 't water op ga en de vissen ga bevissen op hùn terrein. Geen onschuldige makrelen of baarzengedoe. 'Bonites' ja, en tonijn. Niet vanaf een stabiele en veilige boot maar met een kayak. Burning Banana zal worden omgebouwd tot walvisvaarder.
Ik dus op zoek naar nieuw materiaal. Beter, en steviger, robuuster, duitser, yakproof'er.
Tonijnspul is echter duur. Verschrikkelijk duur, leerde ik. Ook tweedehands. Er zijn immers weinigen die deze sport beoefenen en dat houdt de prijzen hoog. Economische principes zijn zonder genade.
Er is echter meer dan alleen tonijn in deze wereld, in Frankrijk.
Fransen zijn verzot op kwabalen. Kwawàt? Kwab,alen. Zo van die zoetwatervissen die drie à vier meter groot kunnen worden en die in dit land nog talrijke waterlopen bevolken. In Vlaanderen zit er ook nog ergens een, in een of ander natuurreservaat waarvan de naam me ontsnapt. Vermoedelijk ooit uitgezet.
Soit, kwabaalvissen 'la pêche au silure' is hier geweldig populair. Kwabaalmateriaal is uiteraard ontzettend sterk - zo'n beest weegt immers al gauw evenveel als een goed doorvoede Sint-Bernardshond, of een vrouwmens van lichtere taille. Er is dus veel materiaal voorhanden en de prijzen liggen betrekkelijk laag. Economie, alweer. Noot: niemand voedt zich ermee. De dieren gaan na de foto terug 't water in.
Er is bovendien geen enkele reden waarom je met kwabaalmateriaal geen tonijn kan vangen. Dat bevestigen zelfs zij die 't zouden kunnen weten.
Ik nader dus m'n bestemming. Eens m'n kwabaalvislijn binnen, met kwabaalmolen en kwabaaldraad, gekoppeld aan tonijn'jig's', kunnen we de zee op en gaan we eindelijk plezier beleven aan dit soort van levensonderhoud.
Poezen, volgende week staat er vis op 't menu. En de week daarnaa ook. En zeker de week dààrna.
Ik ben een gruwelijk slechte visser.
Niet dat ik onhandig ben.
Niet dat ik debieler ben dan 't gemiddelde.
Niet dat ik 't juiste materiaal niet heb.
Gewoon omdat ik lichtjes ongeduldig ben. Ik kan twaalf uur op een bergcol zitten turen naar de horizon zonder ook maar één trekvogel te zien, maar ik haat het als ik na twintig minuten geen vis aan de haak heb.
Ik ben een man van tegenstellingen.
Een vat vol tegenstrijdigheden.
Een onpeilbaar zwart gat.
Een vent zoals alle andere.
En toch hou ik van vissen, denk ik. Alleen heb ik onlangs ontdekt dat al m'n mislukkingen slechts stapstenen waren op m'n zoektocht naar het soort vissen dat echt bij me past.
Vissen zittend op een bak bier langs de waterkant vind ik maar niets. Ook al kreeg ik zo enkele dorades aan de lijn.
Veranderen van gestoelte veranderde niets aan de zaak.
Vissen met lokaas bekte me al beter. Je werpt je 'leurre' uit, haalt haar met snokbewegingen terug in en hoopt dat een of andere debiele roofvis het plastieken geval voor een mindervalide anjovis gaat aanzien. Je wandelt verder, probeert het opnieuw, en opnieuw en opnieuw en opnieuw en opnieuw. Wie kan het wat schelen? Zo zijn er zovelen. De Kreuners Forever.
Maar, ook vissen met leurres, of 'jigs', vergt geduld. En dàt, ontdekte ik, dàt vissersgeduld heb ik dus niet. Daarom zal ik nooit een goede visser zijn.
Tenzij ik van vis verander. Tenzij ik 't water op ga en de vissen ga bevissen op hùn terrein. Geen onschuldige makrelen of baarzengedoe. 'Bonites' ja, en tonijn. Niet vanaf een stabiele en veilige boot maar met een kayak. Burning Banana zal worden omgebouwd tot walvisvaarder.
Ik dus op zoek naar nieuw materiaal. Beter, en steviger, robuuster, duitser, yakproof'er.
Tonijnspul is echter duur. Verschrikkelijk duur, leerde ik. Ook tweedehands. Er zijn immers weinigen die deze sport beoefenen en dat houdt de prijzen hoog. Economische principes zijn zonder genade.
Er is echter meer dan alleen tonijn in deze wereld, in Frankrijk.
Fransen zijn verzot op kwabalen. Kwawàt? Kwab,alen. Zo van die zoetwatervissen die drie à vier meter groot kunnen worden en die in dit land nog talrijke waterlopen bevolken. In Vlaanderen zit er ook nog ergens een, in een of ander natuurreservaat waarvan de naam me ontsnapt. Vermoedelijk ooit uitgezet.
Soit, kwabaalvissen 'la pêche au silure' is hier geweldig populair. Kwabaalmateriaal is uiteraard ontzettend sterk - zo'n beest weegt immers al gauw evenveel als een goed doorvoede Sint-Bernardshond, of een vrouwmens van lichtere taille. Er is dus veel materiaal voorhanden en de prijzen liggen betrekkelijk laag. Economie, alweer. Noot: niemand voedt zich ermee. De dieren gaan na de foto terug 't water in.
Er is bovendien geen enkele reden waarom je met kwabaalmateriaal geen tonijn kan vangen. Dat bevestigen zelfs zij die 't zouden kunnen weten.
Ik nader dus m'n bestemming. Eens m'n kwabaalvislijn binnen, met kwabaalmolen en kwabaaldraad, gekoppeld aan tonijn'jig's', kunnen we de zee op en gaan we eindelijk plezier beleven aan dit soort van levensonderhoud.
Poezen, volgende week staat er vis op 't menu. En de week daarnaa ook. En zeker de week dààrna.
zaterdag 31 maart 2012
Tonijn zonder dolfijn
Je herinnert je nog wel wat ik vertelde over die dolfijnen enzo. Wel, vorige zondag was 't zover! Met een marienbiologige collega van Célia ging ik 't blauwe sop in op jacht naar die ingrediënten die de blikjes 'Uberfisch' tonijn uit de Aldi zoveel beter maken dan al de rest.
De zee was nagenoeg vlak, er stond een licht briesje en 't zicht was vrijwel onbeperkt. We waren nog maar een uurtje aan 't peddelen of we zagen in de buurt van een van de 20m-boeien tientallen opgenaaide Grote Sterns krijsend het water induiken - volgens PierreYvesJeanChristopheAlexandre (die Fransen met hun samengestelde namen altijd) het teken dat er 'gechassed' werd. Als gekken stoven we erheen, en in plaats van dolfijnen zagen we hopen spitse geelgrijze rugvinnen door 't wateroppervlak klieven. 'C'est des thons! C'est des putains de thons!!!' Pierre ging volledig uit z'n dak.
Geelvintonijn 'Thunnus albacares'! Die soort die in de Middellandse Zee niet meer mag worden bejaagd. En ik die dacht dat je die enkel ver in zee kon aantreffen. We kayakten tussen de jagende tonijnen. Ik herhaal: We Kayakten Tussen Tonijnen! Vissen van één tot anderhalve meter schoten door 't water, tussen de kayaks door, sprongen haast uit hun element - ik zie de kop van een van de beesten nog voor me, op enkele meter van de kayak, z'n azuurappelblauwzeegroene flanken weerkaatsend in 't zonlicht, de bek wijd opengesperd. Dit was magisch, ongelooflijk, nooit durven dromen dat je zoiets in de kayaksport kon meemaken.
Wie tonijn zegt roept dolfijn, de twee soorten bejagen immers dezelfde prooi - ansjovis en sardienen - en dus schoten we de hele middag van 'chasse' naar chasse. Nooit ging ik zover de zee op - 't voordeel om met twee te zijn. Ma, je hoeft je dus echt geen zorgen te maken, alweer.
Maar geen dolfijnen! Niet één! So what eigenlijk, we beleefden een hoop memorable kayakmomenten en die neemt niemand ons nog af. Die dolfijnen krijgen we een andere keer wel te pakken. Die tonijnen ook, trouwens. De soort mag immers wel 'voor de sport' worden gevangen - op conditie dat je'm weer loslaat dus. M'n maat probeerde het met z'n zware artillerie - meegebracht voor 't geval dàt - maar had helaas niet de juiste lokvogels. Volgende keer beter.
'k Ga dus dringend op zoek naar een occasietonijnvislijn, want ik ben ervan overtuigd dat er een reden is waarom ik vanaf de kant nooit één vis heb gevangen: ik ben een tonijnvisser!
De zee was nagenoeg vlak, er stond een licht briesje en 't zicht was vrijwel onbeperkt. We waren nog maar een uurtje aan 't peddelen of we zagen in de buurt van een van de 20m-boeien tientallen opgenaaide Grote Sterns krijsend het water induiken - volgens PierreYvesJeanChristopheAlexandre (die Fransen met hun samengestelde namen altijd) het teken dat er 'gechassed' werd. Als gekken stoven we erheen, en in plaats van dolfijnen zagen we hopen spitse geelgrijze rugvinnen door 't wateroppervlak klieven. 'C'est des thons! C'est des putains de thons!!!' Pierre ging volledig uit z'n dak.
Geelvintonijn 'Thunnus albacares'! Die soort die in de Middellandse Zee niet meer mag worden bejaagd. En ik die dacht dat je die enkel ver in zee kon aantreffen. We kayakten tussen de jagende tonijnen. Ik herhaal: We Kayakten Tussen Tonijnen! Vissen van één tot anderhalve meter schoten door 't water, tussen de kayaks door, sprongen haast uit hun element - ik zie de kop van een van de beesten nog voor me, op enkele meter van de kayak, z'n azuurappelblauwzeegroene flanken weerkaatsend in 't zonlicht, de bek wijd opengesperd. Dit was magisch, ongelooflijk, nooit durven dromen dat je zoiets in de kayaksport kon meemaken.
Wie tonijn zegt roept dolfijn, de twee soorten bejagen immers dezelfde prooi - ansjovis en sardienen - en dus schoten we de hele middag van 'chasse' naar chasse. Nooit ging ik zover de zee op - 't voordeel om met twee te zijn. Ma, je hoeft je dus echt geen zorgen te maken, alweer.
Maar geen dolfijnen! Niet één! So what eigenlijk, we beleefden een hoop memorable kayakmomenten en die neemt niemand ons nog af. Die dolfijnen krijgen we een andere keer wel te pakken. Die tonijnen ook, trouwens. De soort mag immers wel 'voor de sport' worden gevangen - op conditie dat je'm weer loslaat dus. M'n maat probeerde het met z'n zware artillerie - meegebracht voor 't geval dàt - maar had helaas niet de juiste lokvogels. Volgende keer beter.
'k Ga dus dringend op zoek naar een occasietonijnvislijn, want ik ben ervan overtuigd dat er een reden is waarom ik vanaf de kant nooit één vis heb gevangen: ik ben een tonijnvisser!
Abonneren op:
Posts (Atom)



