Pagina's

zondag 16 mei 2010

Flower power

De laatste twee weken is 't hier redelijk vochtig geweest. Les Sètois begrijpen er geen ballen van, sinds wij hier zijn aangespoeld maken ze 't vreemdste weer mee in jaren. Vijftien centimeter sneeuw in de winter, meerdere weken temperaturen onder nul, nu een meimaand die wordt geregeerd door kletsende regen en rukwinden en waarin 't nog niet eens dertig graden is - hun zuiders humeur zou voor minder op onweer staan. Mij hoor je alvast niet klagen. Af en toe een stevige bui en voor de rest aangename twintigers op Celcius' schaal en veel opklaringen, dat het hier gerust nog maar een tijdje zo blijft. 'k Heb alvast een hoop autobanden voor 't klooster van Les Pauvres Claires - de arme klaren - gestort, met benzine overgoten en in brand gestoken om eventuele eierdragers op andere gedachten te brengen. Daarachter liggen nog een twintigtal dozijn antipersoonsmijnen ingegraven, de smeedijzeren kloosterpoort is vastgelast aan haar verankering en hun asdl-lijn is doorgeknipt. De komende drie maanden komt daar alvast geen kat meer in. Hopelijk hebben ze deze winter veel patatten in hun kelder gestockeerd, veel witte kool en sperzieboontjes in weckpotten gedraaid, aardig wat vis op azijn gezet en een varken of twee ingepekeld. Zo komen ze tenminste zonder al teveel honger de zomer door.
Ook de lokale veldmadeliefjes hebben 't hier de laatste weken geweldig naar hun zin. Nog nooit zoveel papavers, korenbloemen en ander kleurig spul bij mekaar gezien. In Flanders fields the poppies grow, awel, in the Languedocs fields the poppies grow a lot better. Velden als wiegende zeeën, bloedrood van de klaprozen, zo zagen de Vlaamse dodenakkers er anno 1914-18 uit. Het moet surrealistisch zijn geweest, in zo'n prachtig decor moeten oorlog voeren. 't Is eens wat anders dan de Vietnamese jungle of de Iraakse woestijn, denk ik dan. Ik profiteer dus samen met de zuiderse bloemenweelde met volle teugen van dit atypische weer, want eens deze transitieperiode voorbij zal er binnen de kortste keren geen spriet groen meer overschieten. Hopelijk ga ik wat langer weerstand bieden...

Mercikes...

't Is ironisch dat je pas beseft wat je hebt wanneer de rijkdom in kwestie je verlaat. Verhuizen naar Zuid-Frankrijk is best leuk hoor, daar niet van: zon, zee, vulkanen, gorges, palmbomen, druiven en steeneiken, steltkluten en vale gieren en dat soort dingen, maar daarvoor laat je wel familie en vrienden in 't noorden achter. Noenkel en tantje, jullie hebben er geen idee van hoe leeg het huis plots is zonder jullie. Je moet het maar doen, 1100 kilometer bollen heen en 1100 kilometer weer terug om 't weekend met ons door te brengen. Duizendmaal merci, jullie zijn onbetaalbaar. Enne, jullie mogen er de volgende keer gerust twee weken van maken...

zaterdag 1 mei 2010

Op een rappeke

Even een heel kort tussendoortje want ons vertrouwde pc'tje heeft ons voor heel even in de steek gelaten, nondenonde... Warm hier, nu al. Temperaturen gaan hier overdag reeds tot aan 't gaatje van de twintig, gelukkig brengt het zeebriesje regelmatig wat afkoeling.
Weet je wat ik zalig vind de laatste weken? Heel vroeg opstaan en net na zonsopgang met de fiets de Mont St. Clair opcrossen, vervolgens weer naar beneden langs z'n flauwe zuidzijde, wat snelheid maken op de zeepromenade richting Cap d'Agde en vervolgens langs diezelfde promenade de hele weg terug. Op een eenzame jogger na geen ziel op straat, staalblauwe lucht en 't zeebriesje - meer moet dat niet zijn om de dag goedgeluimd te beginnen...
Binnenkort meer van dat, ben trouwens een bierexperiment gestart waar ik binnenkort wellicht de eerste vruchten van zal plukken...

zondag 18 april 2010

Eyjafjöll, I love you so much


Sinds enkele dagen staat Ijsland terug op de kaart, en hoe! 't Landje mag dan wel failliet zijn - of zijn z'r inmiddels terug bovenop? - maar 't is er dan wel in geslaagd om de helft van Europa lekker in de tang te nemen. 't Heeft trouwens ook gezorgd voor ongeziene miskleunen bij de diverse nieuwsmedia. 'Vulkaan Eyjafjallajökull zorgt voor spectakel' en 'Asregens van de Eyjafjallajökull, een vulkaan in het zuidwesten van Ijsland, sturen het europese luchtverkeer in de war' en dat soort onzin. Beste persmensen, 'Jökull' betekent 'gletsjer'. De Vatnajökull is bijvoorbeeld naast een buur van de Eyjafjallajökull ook de grootste gletsjer in Europa. Je mag dus in opgekuist nederlands gerust spreken over de gletsjer Vatna.
De vulkaan waar het de laatste dagen allemaal om draait heet in werkelijkheid de Eyjafjöll en die zat tot voor enkele dagen mooi onder de gletsjer Eyjafjalla. Een vulkaan is immers een berg en wie bergen op Ijsland zegt zegt sneeuw, dus ijs, dus gletsjers, dus Eyjafjallajökull. Een Jökulhlaup is dan weer een hoop smeltwater die bij zo'n vulkaanuitbarsting meestal vrijkomt. Niet meer dan dat.

Beste Eyjafjöll, I love you! Dankzij jou wordt er eindelijk eens over vulkanisme, geologie, platentectoniek en anders lekkers gepraat in 't nieuws. Zelfs mijn grootmoeder Erikatje, die van de wafels, kon er gisteren aan de telefoon niet over zwijgen. 'Toen ik mijn wasdraad afkuiste plakte er verdorie van dat vulkaanstof aan mijn 'forre''. Ik hou het eerder bij wat stuifmeel maar kom, we gaan bij Erikatje geen mieren gaan neu... , voor die keer dat een vulkaan eens 't onderwerp van gesprek vormt.
Eyjafjöll, jij kon in je dooie eentje ook zowat het hele europese luchtverkeer platleggen. Zelfs Bin Laden deed in z'n goeie jaren niet beter. 'k Vind het altijd fijn dat de mensheid eens terug met z'n voetjes op de grond wordt gezet. 'Jullie dachten alles mooi geregeld te hebben? Kijk wat ik doe met jullie luchtvloot!'.
Eyjafjöll, wat we van jou zien is ook gewoon verpletterend mooi. Geen prachtiger natuurspectakel dan een uitbarstende vulkaan, en zeker als die dan nog eens in een wereld van ijs ligt. Je bent mijn held jong, goe bezig, en doe me nog één plezier: maak je buren wakker.

zaterdag 17 april 2010

vredige ochtendoverpeinzingen

De eerste werkweek zit er weer op. Laminaat gelegd (parkee flottang), schuiframen hersteld, slotcilinders vervangen, wc's en lavabo's gerepareerd, badkamers geïnstalleerd etc. 'Als we ons binnen enkele jaartjes settelen zullen we geen 'stielemans' meer nodig hebben', zegt célia. Is misschien wel iets van. Wat ik nog onthou van deze week is dat het hier nu echt wel zalig warm is, je zou 't kunnen vergelijken met een ideale zomer in Vlaanderen. Waar die temperaturen over twee maanden zullen zitten is een ander verhaal, waar ik me momenteel beter nog geen zorgen over maak. Nu is 't gewoon puur genieten.
Intussen maken de gierzwaluwen buiten een hels kabaal. Ze zijn deze week uit hun afrikaanse winterkwartieren teruggekeerd en schijnen 't hier best naar hun zin te hebben. We zullen ze deze zomer best kunnen gebruiken, wanneer alle 'etangs' hier in de regio zullen veranderen in muggenparadijzen. Met wijd opengesperde bekken zullen ze de stad dagelijks een miljoen muggen lichter maken. Ruwe schatting hoor, gebaseerd op de dagelijks kaloriebehoefte van een doorsnee gierzwaluw, de grootte van de lokale populatie en de kalorische waarde van de doorsnee mug hier uit de regio. Variabelen die dan weer zijn gebaseerd op het aantal afgelegde dagelijkse kilometer van een gierzwaluw, de beschikbare voedselrijkdom van de etangs, omgevingstemperatuur, luchtweerstand en luchtvochtigheid en als laatste, niet te vergeten, de 'Onbekende Parameter'. Zoals ik al zei, gewoon een ruwe schatting. Die gierzwaluwen verdienen een standbeeld, vind ik. Jammer dat er geen grotere versie van bestaat, zo'n enorme vliegende stofzuiger die het niet op muggen heeft gemunt, maar op stadsduiven. Ik heb een grondige hekel aan die vliegende ratten, die vunzige terrasschijters, die roekoerende drukmakers met hun blèrende jongen. 'k Mag dan wel een hardcore vogelbeschermer zijn, stadsduiven vallen daar vol-le-dig buiten. Stofzuigen die grijze handel, waar blijven trouwens die slechtvalken? Gelukkig wordt er af en toe zo'n duif door een Geelpootmeeuw verschalkt - alle beetjes helpen - en gelukkig is er onze Zwarte roodstaart nog, die ons dagelijks op een prachtige portie gekras - zingen kun je dat niet echt noemen - vergast. Maar toch nog liever dat dan dat geroezemoes, dat boerend geroddel, van die grijze paria's. Zei ik trouwens al dat ik niets moet hebben van stadsduiven?
Straks gaan we naar de roddelkmarkt van Marseillan - Marsejang - die naar 't schijnt echt wel de moeite is. Misschien vind ik er wel een oud stuk luchtafweer uit de tweede wereldoorlog. Je weet wel, tegen de stadsduiven...

zondag 11 april 2010

De politie is uw vriend

Yiehaa, de pc is terug hersteld en daarmee ook onze window op de buitenwereld ;-)
'k Was vorige maand nog een anecdote vergeten te vertellen uit 'Belgiëland'. Toen ik immers samen met Célia terug voet aan de grond zette in 'Brussels-South' alias Charleroi kon ik maar aan twee dingen denken: bier en frieten. Een mens heeft soms goesting, niewaar. Met deze lekkere gedachte in m'n hoofd passeerde ik op weg naar de uitgang van de luchthaven de lokale press-shop alias krantenwinkel en wat zag ik net voor de ingang? Een levensgrote stier met ervoor een stapel Humo's. 'Een Humo-lezer herken je aan zijn six-pack' stond er ondermeer op te lezen. Eén humo kopen en een sixpack Jupiler-Tauro krijgen, dat was zowat 't concept. Humo leert z'n volk bier drinken. Ik dus als een wervelwind de winkel binnen waar ik voor de niet begrijpende ogen van Célia - zij had de reclame nog niet opgemerkt - een Humo op de toonbank smeet en m'n zakgeld bovenhaalde. Ze trok nog grotere ogen toen de verkoper me een zak met Tauro's overhandigde. 'Je bent nog geen twee minuten thuis en je loopt al met bier rond, 't kon zeker niet wachten?'. Vrouwen niewaar...
't Verhaal was echter nog niet gedaan. Toen we op onze vrienden zaten te wachten die ons zouden komen afhalen zagen we plots twee politie-agenten dezelfde krantenwinkel binnengaan, om even later eveneens rinkelend naar buiten te komen met elk een zak Tauro's. Twee agenten in uniform die met een zak bier rondlopen, welkom in België. Los van 't lachwekkende van de situatie maakte ik me toch de bedenking hoe je dat soort mensen nog serieus kunt nemen? Doe dat toch nà de uren... 't Werd echter nog erger... Een kwartier later kwamen Chnip en Chnap, onze Jupiler-agenten terug opdagen met een derde compaan en jawel, ze gingen opnieuw de krantenwinkel binnen. Het verhaal van 't gratis bier had blijkbaar z'n toertje gedaan in hun ondergrondse bunker. Deze keer kwam de derde recruut van de politiemacht niet naar buiten met één, maar met twee rinkelende zakken waarmee hij zich naar z'n hol haastte - zoals een eekhoorn met z'n eikel. Vraag is uiteraard wie hier wie was maar kom, 't zal wel voor de - nederlandstalige - interviews zijn geweest. Soit, m'n vriend Dominique was reuzeblij met het cadeautje uit Vlaanderen. Bier drink je immers met verstand, en met je maten...

Laat het maar allemaal kapot gaan

Terug in Frankrijk, dus. Of om het met de woorden van Tine en Emma - onze kleuterbuurmeisjes in Horebeke - te zeggen, terug in 'Frankrijkland'. Onze molen ligt er opnieuw netjes bij: geschoren, gemaaid, ontmost en gekaleid en ook al heeft Tom Boonen het net niet gehaald in Meerbeke, het was toch met een gevoel van voldoening dat ik terug op 't vliegtuig richting Nîmes stapte. Ons Hoogkouterproject zit nog steeds op de sporen. Nu is 't enkel nog uitkijken naar een nieuwe eigenaar maar ook dat komt voor de bakker. Nog positief nieuws: m'n lang verwachte werkloosheidsuitkering van november-december-januari is eindelijk uitbetaald, onze eerste overwinning op de franse administratie. Vanaf 't moment dat ik drie maanden vast aan 't werk ben krijg ik recht op een ziekteverzekering, een gegeven dat in tussentijd wordt opgelost door me aan de verzekering van Célia te koppelen. Mocht Célia geen française zijn geweest dan had ik me dus al die tijd moeten inhouden om vooral niet ziek te worden - tenzij ik beroep had gedaan op een private verzekering. Administratie weetjewel...
'k Ben intussen terug aan 't werk en ook dat loopt vlotjes. 't Is fijn om in een oude stad te wonen die per toeval in een warm klimaat aan zee is gelegen en waar vakmanschap de voorbije tweehonderd jaar heeft opgehouden te bestaan: de halve stad is vochtig en rot en elke dag gaat er wel iets kapot. Heb je trouwens ooit al gezien dat een afloop van de keuken via een flexibele buis dwars door de muur in een trechter van de regenwaterafvoer gaat? Ik wel, eergisteren. Sète is een eldorado voor de 'multiservisser'. Ook al zitten veel sectoren hier op hun gat en swingt de werkloosheid lustig de pan uit, intussen valt de halve stad doodleuk in elkaar en wil iedereen zich blijven douchen en op de pot gaan. Met andere woorden: we hebben vertraging op alle werven. Lang leve Sète, waar het voor 't ogenblik reeds ruim rond de tweeëntwintig graden schommelt. Je hoort ons niet klagen...

zondag 28 maart 2010

Bier en wafels

't Is fijn weer even in 't noorden te zijn. Even goeiedag zeggen en verjaardagsfeesten met onze tweede familie in Le Nord - bienvenue chez les Chti's - en vanaf morgen ben ik weer voor tien daagjes een Horebekenaar. Als er een moment niet mag gemist worden in Casa Molina dan is het wel de Ronde van Vlaanderen, en zolang de molen van ons is zal deze sportieve hoogmis in situ worden meegemaakt. Een grote flatscreen, een bak Ename, veel volk op straat en een helicopter boven de tuin, dat is de Ronde. Dit jaar gaat er, net zoals alle andere jaren, een weekje lenteschoonmaak aan vooraf: haagscheren, onderhoud van de molenromp en preventief behandelen van het houtwerk, en dan kan de Reus er weer voor een jaartje tegen.
'k Ben er trouwens nog niet in geslaagd om onze franse vrienden warm te maken voor het koersgebeuren, maar als ik me 's zondags aan 't wafelenbakken zet liggen ze aan mijn voeten en eten ze uit mijn handen. Letterlijk dan.'k Heb hen immers geconfronteerd met de wafels op mijn grootmoeders wijze en 'les gauffres d'Erika' zijn hier in de hoofdstad van Frans-Vlaanderen sinds vorig jaar een begrip geworden - waarmee ik hen meteen een stukje van hun oud-Vlaamse cultuur heb teruggegeven...

zondag 21 maart 2010

Terug naar Mc Gyver


'k Heb m'n gedachten graag op een rijtje, wanneer ik een blogbericht post. In periodes van interne seïsmische onrust zal je me dus niet gauw achter m'n scherm zien kruipen. 'Ben je 't leven daar in la douce France al een beetje gewoon?' wordt me vaak gevraagd.' 't Is daar toch een ander tempo dan hier hé?', durven ze'r dan nog aan toevoegen. Yeah right, denk ik dan. Misschien als je gezond en gepensionneerd bent en als je huisje is afbetaald, dan gaat het leven wellicht z'n kabbelend gangetje en volstaan een glas rode wijn, een baguette, een stuk schapenkaas en een handvol olijven om je perfect gelukkig te voelen. Als je echter een windmolen te koop hebt, je werkloosheidsuitkering van november-december-januari nog steeds niet is uitbetaald, je nog een aantal verplichtingen in Vlaanderen wil nakomen, een krediet én een huur moet afbetalen, de lokale arbeidsmarkt oververzadigd is, elke wijnrank die eventueel kon of mocht gesnoeid worden is kortgezet en zowat de halve stad ofwel met z'n hoofd in een emmer woont of met z'n gat over de pot zit gedrapeerd vanwege de zoveelste buikgriepepidemie, dan liggen de kaarten lichtjes anders. Neem dat 'rustige leven' dus maar met een stevige schep zeezout. 't Leven is hier niet minder stresserend dan in 't noorden. Voorlopig toch. Maar weet je, klagen is een woord dat ik uit m'n woordenboek heb gescheurd. Problemen bestaan niet, er zijn alleen maar oplossingen.
Enkele voorbeelden. Na maandenlang aandringen en geduld veinzen komt er eindelijk schot in m'n arbeidsperspectief. M'n dossier bij de lokale VDAB, alias de Pole Emploi, is eindelijk compleet en daardoor zal heel spoedig m'n uitkering voor de drie maanden non-activiteit worden uitbetaald. Niet dat de Franse administratie trager of onkundiger is dan de onze - 'k herinner me nog heel goed welke lijdensweg 't is geweest om iemand met de Franse nationaliteit in Vlaanderen een rijbewijs te laten halen - 't Is hier gewoon anders en als je'r niet middenin zit weet je niet in welke valkuilen je zou kunnen donderen. 'k Heb echter 't survivalparcours zonder al teveel kleerscheuren en bloedverlies afgelegd en over dit themaatje zal ik nog eens een apart bericht posten. 't Kan de toekomstige gettolafrancers alleen maar een grote stap vooruit helpen.
Er heeft nog een andere positieve arbeidsgerelateerde aardverschuiving plaatsgevonden, een tiental dagen terug. 't Begon met een telefoontje. 'Of 't waar was dat ik werk zocht in de bricolagesector?' en of 't me niet interesseerde om eens kennis te komen maken. Dat was veruit 't beste telefoontje dat ik de laatste maanden vanuit Frankrijk had gekregen. Aan de lijn hing de patron van een bedrijf gespecialiseerd in schoonmaken, verven en 'multiservices'. Voor dat laatste luik bleken ze op zoek naar iemand die niet echt gespecialiseerd is in een of andere tak, maar handig is op zowat alle niveaus en goed z'n plan kan trekken in situaties die niet uit 't boekje komen. Iemand die graag trots is op z'n werk en de zaken serieus aanpakt. Ook iemand die ze kunnen vertrouwen wanneer ze hem alleen op een klus afsturen. Een hoop vereisten die blijkbaar bijzonder schaars zijn in deze regio of zoals een vriend me ooit zei: gasten zoals jij kunnen hier goed hun boterham verdienen. Wat ze zochten was dus een soort Mc Gyver, mijn grote idool uit m'n jonge jaren. Zelden een sollicitatiegesprek gevoerd dat me zo op 't lijf was geschreven. Van 't een kwam 't ander en 'k ben dus reeds een tijdje op proef en vul m'n dagen met korte interventies: sloten herstellen, badkamermeubels installeren, appartementen uitbreken, gyproc zetten, waterleidingen herstellen of herleggen, boobytraps plaatsen, mitrailleurs op pick-ups monteren etc. Pleisteren en verven nemen de collega's voor hun rekening. Een droomjob. Voor mij toch. Heel afwisselend, heel creatief en heel leerrijk - en met de Leatherman die m'n vader me ooit kado gaf los je de helft van de werken op. We zijn eindelijk terug vooruit aan 't gaan...

Mea culpa

Beste blog. 't Spijt me heel erg dat ik gedurende meerdere weken geen aandacht aan jou heb besteed. Weet echter dat je bijna elke dag in mijn gedachten bent geweest en dat ik me een beetje heel erg schuldig voel, 'k ben immers tamelijk op jou gesteld en 't doet me pijn jou zo lang eenzaam en alleen op een stukje metaal ergens ver weg tussen miljoenen onbekende sites te hebben gelaten. Hopelijk was 't er niet te koud, daar in je ondergrondse bunker diep in de Rocky Mountains, of onder een of andere wolkenkrabber in Manhattan, of waar de server die jou als cocon dient zich ook moge bevinden...
Misschien moet ik m'n ontrouw maar eens goedmaken. Zal ik jou een naam geven? Als zelfs de eerste de beste ordinaire gps er een krijgt, waarom zou jij dan gedurende al die tijd naamloos moeten blijven? Hoeveel mannen doden immers de eenzame weg naar 't werk niet door 't substituut van een vrouwenstem die hen zegt waarheen ze moeten gaan? Of compenseren het gebrek aan huiselijke autoriteit of kartografische onkunde niet door vrij en zonder vrees hun vrouwelijke gids uit te kafferen voor al wat stout en vuil is in deze wereld?
Corinne, Aurélie of Françoise lijken me wel wat. Alleen, 'k denk niet dat Célia zo'n blijk van intimiteit zal appreciëren. 'Zit je weer op Corinne?' is een vraag die ik ten allen tijde wil vermijden. Too much too risky. Laten we dus gewoon maar goede maatjes blijven, jij en ik. Enkele weekjes radiostilte drijven ons heus niet uit elkaar...