Of heb ik die titel reeds gebruikt? Soit, zonet een nieuw snelheidsrecord gevestigd binnen de internationale wateren: Sète-Bouzigues-Sète in iets meer dan anderhalf uur. Met 'Burning Banana' uiteraard - m'n kayak. Zomerweer hier, een zacht lauw zeebriesje, stralende zon - alweer - en niet fris genoeg om een vest boven te halen. Niet te geloven, we zijn eind februari!
Nooit gedacht dat de conditie zo goed ging zijn, na een winterstop vol bier en hoe-vettiger-hoe-prettiger's, nogvanda's, hier-die-schotel's en kijk-wat-ik-doe-met-die-kip's. En wat krachttraining uiteraard: vijftig keer armheffen - drie katten bij hun nekvel in de linkerhand, drie katten bij hun nekvel in de rechterhand - 's morgens, en vijftig keer armheffen - dezelfde miauwers maar in een andere hand, 's avonds.
Goe bezig dus! Binnen enkele weken gaan we Wazawidu testen!
Posts tonen met het label zomer. Alle posts tonen
Posts tonen met het label zomer. Alle posts tonen
woensdag 29 februari 2012
woensdag 25 januari 2012
200!!!
Dit is het 200e blogsel, gewoon om er even aan toe te voegen dat het hier vandaag 19° was in 't zonneke. Uit de wind of in de wind maakt geen knijtsel uit want er wàs geen wind.
Als 't morgen nog van dat is trekken we een fles kriek af. Van Girardin uiteraard, what else?
Als 't morgen nog van dat is trekken we een fles kriek af. Van Girardin uiteraard, what else?
zaterdag 23 juli 2011
Crocodile Dundee
Soms heb ik het gevoel dat ik niet in de tegenwoordige tijd leef. 'k Zit met m'n gedachten elders, elders in de tijd en elders in de ruimte. Bij Petrova, in haar 'banja', in Novosibirsk... Huh?! Uiteraard ben ik geen koekoek en uiteraard hou ik er geen andere vriendin op na - daar heeft het, uiteraard, niets mee te maken...
't Heeft te maken met het feit dat ik 't gevoel heb meer in een stad te werken dan er te wonen. Wat er 's zomers in Sète gebeurt gaat eigenlijk aan 200 km/u aan ons voorbij. Overdag doorkruis je de stad voor noord naar zuid, van hoog naar laag, van donker naar licht, van wc-pot naar bloembak, van frigo van naar veluxraam en van schijtmentaliteit naar koffie met koekskes. Sète is mijn werkstek, vooral. 's Namiddags kom ik thuis, parkeer mijn fiets in de gang en keer terug in mijn wereld. Ik ben graag op mijn gemak, een overblijfsel van heel lang op 'den buiten' gewoond te hebben. Mensen veranderen niet. De drukte in de stad 's avonds, de concerten en voordrachten, de stranden en 't water, de joutes en wijfkeesten, de resto's en de disco's en alle zever die Sète voor de doorsnee toerist aantrekkelijk maken kunnen me vierkant gestolen worden. Brood en spelen. We zitten met onze gedachten al twee weken verder. In augustus. In Bretagne. En in september. In de Pyreneeën, in Organby. En in 't najaar, als de stad terug een beetje leefbaarder wordt. Missen we geen hoop zaken? Misschien wel. Halen we hier niet alles uit de kan wat eruit kan gehaald worden? Mogelijk. Maar nogmaals: ofwel hou je van een stadsleven ofwel niet. Sète is tijdelijk. Sète is werk. Ik amuseer me 's avonds duizendmaal meer met het maken van 'bushcraft', een toertje lopen langs de étang of bij ruige zee een potje zeeslag met m'n kayak dan het mierengewriemel en gesocialize in the urban jungle... Soms voel ik me 'Crodile Dudee in the city'. Heel vaak zelfs. Sète is Base-Camp, een uitstekende uitvalsbasis.
Nog twee weken en we zitten in Bretagne. En daarna naar Organby. Dat de zomer, of wat ervoor moet doorgaan, maar heel snel passeert...
't Heeft te maken met het feit dat ik 't gevoel heb meer in een stad te werken dan er te wonen. Wat er 's zomers in Sète gebeurt gaat eigenlijk aan 200 km/u aan ons voorbij. Overdag doorkruis je de stad voor noord naar zuid, van hoog naar laag, van donker naar licht, van wc-pot naar bloembak, van frigo van naar veluxraam en van schijtmentaliteit naar koffie met koekskes. Sète is mijn werkstek, vooral. 's Namiddags kom ik thuis, parkeer mijn fiets in de gang en keer terug in mijn wereld. Ik ben graag op mijn gemak, een overblijfsel van heel lang op 'den buiten' gewoond te hebben. Mensen veranderen niet. De drukte in de stad 's avonds, de concerten en voordrachten, de stranden en 't water, de joutes en wijfkeesten, de resto's en de disco's en alle zever die Sète voor de doorsnee toerist aantrekkelijk maken kunnen me vierkant gestolen worden. Brood en spelen. We zitten met onze gedachten al twee weken verder. In augustus. In Bretagne. En in september. In de Pyreneeën, in Organby. En in 't najaar, als de stad terug een beetje leefbaarder wordt. Missen we geen hoop zaken? Misschien wel. Halen we hier niet alles uit de kan wat eruit kan gehaald worden? Mogelijk. Maar nogmaals: ofwel hou je van een stadsleven ofwel niet. Sète is tijdelijk. Sète is werk. Ik amuseer me 's avonds duizendmaal meer met het maken van 'bushcraft', een toertje lopen langs de étang of bij ruige zee een potje zeeslag met m'n kayak dan het mierengewriemel en gesocialize in the urban jungle... Soms voel ik me 'Crodile Dudee in the city'. Heel vaak zelfs. Sète is Base-Camp, een uitstekende uitvalsbasis.
Nog twee weken en we zitten in Bretagne. En daarna naar Organby. Dat de zomer, of wat ervoor moet doorgaan, maar heel snel passeert...
donderdag 5 augustus 2010
L'été pédé
De zomer lijkt voorbij, hier. Ook al beweert iedereen het tegendeel en zegt men me honderd keer per dag dat ik moet ophouden met zeveren, ik zeg dat de zomer hier definitief verleden tijd is en ik zeg het nog een keer want het IS gewoon zo. De zomer van 2010 in Zuid-Frankrijk was bijzonder kort en nauwelijks hevig. Het was een zomer voor woessies die wellicht in de annalen zal verdwijnen als 'l'été pédé'. Lach maar, daar in 't noorden. Jullie hebben lekker zitten, kruipen en liggen braden maar terwijl in Flanders' Fields de barbeque geen dag is uitgedoofd zit ik hier nog steeds op de eerste honderd hitteslachtoffers te wachten. Dat blijft maar leven hier. 't Zal dus niet voor dit jaar zijn. En ik die in januari het koud zweet zich reeds door m'n poriën voelde persen en uren in de mistral naar 't angstzweet stonk wanneer ik nog maar aan de zogenaamde dodelijke zomermaanden dàcht - 'loop maar in uw hemd rond manneke, in juli gaat ge om uw moeder roepen' - awel, diep teleurgesteld ben ik. De dagen worden merkbaar korter, het ochtendlicht wordt warmer, de spreeuwen beginnen formaties te vormen, de boerenzwaluwen zijn stilaan volleerd en de druiven beginnen te rijpen, ik zeg dat de zomer voorbij is. Tuurlijk staan ons nog warme dagen te wachten, zou er nog aan mankeren ook, maar 't ergste zouden we gehad moeten hebben.
Gisteren ontmoette ik een koppel rugzaktoeristjes - een aangenaam lichtpunt tussen al die bruingebakken en melanoomgeabonneerde strandvreters die het verkeer hier doen dichtslibben. 'k Ben er zeker van dat ze nog niet eens wisten waar en hoe ze de nacht gingen doorbrengen. Op het strand, op een bank in 't park, op een verlaten vissersboot of op de dorpel van een grootwarenhuis - net zoals ik jaren terug. Nostalgische herinneringen aan de tijd van toen gecombineerd met het korten van de dagen zijn dé ingrediënten om een Bart Goemaere naar de Pyreneeën de doen verlangen, de trekvogels achterna. Ik wil naar Organbidesca. Ik wil roofvogels observeren en hen stil een laatste groet toewensen vooraleer ze de grens met Spanje oversteken tijdens hun verre reis zuidwaarts. Sète-Organby is een luttele vier uurtjes rijden. Vijf jaar is het reeds geleden dat ik er nog ben geweest. Vijf jaar van afzien en tandenknarsen in september. Mannekes, het begint heel hevig te kriebelen...
Gisteren ontmoette ik een koppel rugzaktoeristjes - een aangenaam lichtpunt tussen al die bruingebakken en melanoomgeabonneerde strandvreters die het verkeer hier doen dichtslibben. 'k Ben er zeker van dat ze nog niet eens wisten waar en hoe ze de nacht gingen doorbrengen. Op het strand, op een bank in 't park, op een verlaten vissersboot of op de dorpel van een grootwarenhuis - net zoals ik jaren terug. Nostalgische herinneringen aan de tijd van toen gecombineerd met het korten van de dagen zijn dé ingrediënten om een Bart Goemaere naar de Pyreneeën de doen verlangen, de trekvogels achterna. Ik wil naar Organbidesca. Ik wil roofvogels observeren en hen stil een laatste groet toewensen vooraleer ze de grens met Spanje oversteken tijdens hun verre reis zuidwaarts. Sète-Organby is een luttele vier uurtjes rijden. Vijf jaar is het reeds geleden dat ik er nog ben geweest. Vijf jaar van afzien en tandenknarsen in september. Mannekes, het begint heel hevig te kriebelen...
zaterdag 10 juli 2010
Summer in the Sèty
't Is vreemd, in Sète wonen. Als je'r woont en er je boterham - of 'tielle' (een lokale specialiteit die eruit ziet als een rijsttaartje en bestaat uit een hoopje vermalen inktvissen, tomaten en tuinkruiden met een samengevouwen dun stuk brooddeeg errond - heel heel lekker, trouwens) - verdient (ja 'k weet het t'is soms moeilijk lezen met al die gedachtenstreepjes en haakjes maar na drie keer lezen - of herlezen, dus - heb je de zinsconstructie wel beet) rijg je de dagen aan een recordtempo aan elkaar en voor je 't goed en wel beseft is er weer een maand voorbij. Daarnaast, in dezelfde stad, krioelt het van toeristen die de stad en omgeving op hun manier ervaren en beleven. Heel vreemd soms, die dualiteit. Je stapt uit je bestelwagen, botst tegen een koppel nederlanders dat naar de prijzen in een etalage zit te zoeken, duikt je koffer in om er je gereedschap uit te halen en moet vervolgens een kwartier wurmen om je door de massa een weg te banen naar de plaats des onheils aka de plek waar je aan de slag kan. Aan de ene kant de gestresseerde werkmens, aan de andere een gedecontracteerde aardbewoner die gewoon niets beters te doen heeft dan je voor de voeten lopen en zoeken naar een plek waar hij z'n zuurverdiende centen kan uitgeven, en aan de derde kant een stad die er alles aan doet om die centen binnen te slokken en die alles uit de kast haalt om dit fiscaal debiet te verhogen: via lokale specialiteiten, evenementen, attracties etc.: zomer in 't zuiden is big business. Van mei tot september moet de middenstand z'n jaar maken, geen sinecure in een streek die het grotendeels van het toerisme moet hebben. Gelukkig willen de mensen willen entertained worden en Sète doet er alles aan om te maken dat ze in de consumtiemaalstroom van haar buik blijven en vooral geen goesting krijgen om hun honger naar entertainment elders te gaan stillen. Sète in de zomer is eten, drinken en water. Eten en drinken kan in de lokale horeca - in sommige etablissementen kan je trouwens heel heel lekker je voetjes onder tafel schuiven - en via boottochtjes kan je de étang aan den lijve ondervinden, je kan bootjes en jetski's huren en voor wie dat allemaal veel te actief is is er plezier (nou ja) voor het oog. Zo zijn er 'les joutes', de lokale variant van wat wij Middeleeuwse steekspelen zouden noemen. Niet met paarden hier, uiteraard, maar met roeiboten. 't spel bestaat erin dat je je tegenspeler met een houten lans het water in duwt. Je paard bestaat uit een roeiboot waarin een dozijn roeiers voor de juiste snelheid zorgt en twee muzikanten (een trommelaar en een soort slangbezweerder, maar dan dan zonder slang noch bezwering) het adrenalineniveau op peil houden. Parallellen met oude krijgersgebruiken zijn legio. De toeristen vinden het geweldig als de minst gelukkige van op z'n platform het water in dondert. Soms vallen ze alletwee in 't water. En plezant dat dat is... Soit, het houdt de mensen zoet en de commercie vaart er wel bij. Nog meer lust voor het oog vormen de schaarsgeklede schoonheden die zich gracieus door het straatbeeld bewegen. Eigenlijk wou ik schrijven: de boten die van heinde en minder heinde de haven van Sète als tussendoortje op hun programma hebben staan. Zo zagen we hier reeds de 'Vinland' een trouwe replica van een Noorse drakkar - die trouwens een dag na z'n vertek kapseisde en zonk, de 'Banque Populaire II' - de grootste wedstrijdtrimaran ter wereld, en twee weken terug nog een immens cruiseschip. Je kan niet zeggen dat er hier niets te beleven valt, maar los van die drukte mag je mij gerust m'n halfuurtje lopen op de kustpromenade geven. Ruim voor turistus ordinarus van z'n ontbijttafel opstaat...
donderdag 24 juni 2010
En als we vanavond eens naar 't strand gingen?
Na een lange periode van echt onzuiders weer - temperaturen van rond de twintig graden of minder, veel wind, wolkbreuken, overstromingen, drijvende wagens en dat soort dingen - lijkt de zomer nu toch eindelijk van start gegaan. 't Is bakken vandaag, de tramontane is gaan liggen en de mortel 'prise rapide' is al hard voor je'm goed en wel hebt platgestreken... M'n collega's zijn aan 't eten, roken of siësten en ik heb van de occasie gebruik gemaakt om even de pc van 't hoofdkwartier te confiskeren. Zicht op de etang, een zeilbootje dat tergend traag passeert, Scubidoo - ze dog of ze boss - aan m'n voeten en 't buikje gevuld, er zijn ergere manieren om je boterham te verdienen. Vanavond gaan we zeker naar 't strand, 'k heb immers een paar boemerangs te testen en 's avonds zijn de stranden turistus-ordinarus-vrij. Waar is de tijd dat we nog naar brussel moesten om wat voer in de trog te krijgen... Héél ver achter me, gelukkig maar!
Abonneren op:
Posts (Atom)

